Bij het opstellen van de Begroting 2018 en de meerjarenraming 2019 tot en met 2021 is rekening gehouden met onderstaande uitgangspunten:

  • de prijsmutatie voor goederen en diensten is vastgesteld op de nullijn, wel zijn enkele budgetten verhoogd met een prijscompensatie van 1,4%. In de Kadernota 2017 heeft de gemeenteraad hiertoe besloten.
  • de gemeentelijke subsidies zijn niet geïndexeerd.
  • de belastingtarieven en leges worden via de eerste begrotingswijziging met 1,6% geïndexeerd.  
  • een rentepercentage van 0,5%. Dit is een beslispunt bij het vaststellen van de Begroting 2018.
  • de uitkering uit het gemeentefonds is opgenomen tegen een constant loon- en prijsniveau. Wel is in de raming van de algemene uitkering rekening gehouden met areaaluitbreiding en autonome toename van aantallen.
  • de meerjarenraming is opgesteld met een constant loon- en prijsniveau uit 2018. Wel is rekening gehouden met actuele aantallen ten aanzien van areaaluitbreiding en specifieke ontwikkelingen.

De volgende aantallen inwoners en woonruimten zijn gehanteerd bij het berekenen van de algemene uitkering. Bij deze aantallen wordt aangesloten bij de informatie die vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt verstuurd. Het ministerie gebruikt deze informatie bij haar berekening van de algemene uitkering uit het gemeentefonds.

Jaar

Inwoners

Woonruimten

2018

73.259

32.969

2019

74.191

33.393

2020

74.864

33.699

2021

75.409

33.947