Inleiding

Deze paragraaf beschrijft de beleidskaders van de kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties. De kapitaalgoederen bestaan uit de volgende onderdelen: wegen (verhardingen), civiele kunstwerken, riolering, water, groen en gebouwen.

Het onderhoudsniveau van de kapitaalgoederen wordt bepaald aan de hand van de kwaliteit die de raad heeft vastgesteld. Op basis van dat kwaliteitsniveau worden beheerplannen gemaakt. Deze beheerplannen geven inzicht in de werkzaamheden en kosten die nodig zijn om de kapitaalgoederen op het vastgestelde onderhoudsniveau te houden.